Zelfs wanneer u zich niet
rechtstreeks betrokken voelt bij dit probleem, mag u toch niet vergeten
dat in België de meeste dodelijke ongevallen door vergiftiging te wijten
zijn aan CO.
Elk jaar sterven in België
ongeveer 100 personen ten gevolge van een CO-vergiftiging en
worden bijna 2000 personen opgenomen in een ziekenhuis na een CO-vergiftiging.De
meeste daarvan zijn minder dan 30 jaar oud.
Deze ongevallen worden
meestal veroorzaakt door warmwatertoestellen. De helft van de
vergiftigingen gebeurdt in de badkamer.Tussen november en april stelt men
het grootste aantal ongevallen vast. Wees dus bijzonder voorzichtig
tijdens zachte, warme lente- en herfstdagen.
Een plotselinge verbetering
van de temperaturen verstoort immers de trek in de schoorstenen.
De rook kan daardoor
teruggedrongen worden in elk toestel dat is aangesloten op deze
schoorsteen.
Sinds 1995 voegt het
Koninklijk Meteorologisch Instituut een "CO"-waarschuwing bij de
meteoberichten wanneer de luchtgesteldheid de trek van de schoorstenen
kan verstoren.
wat is
koolstofmonoxide ?
CO is een gas
dat ontstaat bij slechte, onvolledige verbranding van brandstoffen zoals
hout, kolen, aardgas, butaangas, propaangas of aardolie.
Bij een verbranding met
voldoende zuurstof, wordt het gas CO omgezet in koolzuurgas CO2.
Koolzuurgas is niet giftig.
CO2 is het normale product van elke verbranding en is eveneens
aanwezig in de lucht die wij inademen. Wanneer er echter niet voldoende
zuurstof voorhanden is, stijgt de hoeveelheid vrijgekomen CO tot op een
gevaarlijk peil.
In geval van aardgas wordt de
vlam dan geel in plaats van blauw. Naast een gele vlam, kan ook een
teveel aan (water-)damp (condensatie) in een kamer een alarmsignaal
zijn. In dit geval werkt de afvoer van de verbrande gassen niet goed en
is er sprake van terugslag.
Hoe wordt men vergiftigd ?
CO is een reukloos,
kleurloos en smaakloos gas. Zonder een speciale uitrusting kunnen wij
onmogelijk de aanwezigheid ervan in de omgevingslucht van een kamer
opsporen.
CO vermengt zich in de
lucht die wij inademen, dringt in onze longen en komt zo terecht in
ons bloed. Het verstoort het transport van de zuurstof die onze cellen
nodig hebben voor hun goede werking.
Wanneer de lucht zelfs maar
een kleine hoeveelheid CO bevat, zijn onze cellen niet meer in
staat om de beschikbare zuurstof te gebruiken.
|
Aanvaarbaar niveau |
5 – 50 ppm (*) |
|
Gevaarlijk niveau |
> 100 ppm |
|
Risico op zware vergiftiging |
1000 ppm ( 0,1 %) |
|
Dood na 4 à 5 uren
|
2000 ppm (0,2 %) |
|
Dood na 20 minuten
|
5000 ppm (0,5 %) |
(*) ppm= deeltjes per miljoen
Gevaarsignalen
-
Een
geel-oranje vlam in het gastoestel wijst op een gebrek aan zuurstof. In
geval van een goede verbranding, is deze vlam blauw.
-
vensters of muren die bedekt zijn met damp (condensatie), wijzen op een
onvoldoende afvoer van de verbrande gassen
Wat zijn de symptomen van
een CO-vergiftiging ?
ACUTE CO-VERGIFTIGING
De hersenen zijn grote
verbruikers van zuurstof en vertonen de eerste tekenen van een acute
CO-vergiftiging. Net
zoals bij een hersenvliesontsteking krijgt het slachtoffer hoofdpijn en
klaagt
hij/zij over duizeligheid.
Hij/Zij wordt ook hoe langer hoe vermoeider, kan zich misselijk voelen
en zelfs beginnen braken.
Wanneer het slachtoffer in
dit stadium niet zeer snel behandeld wordt, kan hij/zij het bewustzijn
verliezen en in een diepe coma terechtkomen waardoor de dood kan
intreden.
Wanneer de CO-concentratie
in de kamer zeer hoog is, kan de coma inderdaad zeer snel intreden, voor
het slachtoffer de tijd heeft om te beseffen dat er iets verkeerds aan
de hand is.
LANGDURIGE CO-VERGIFTIGING
Maar niet alle CO-vergiftiging
zijn zo ernstig. In talrijke gevallen worden personen langdurig
blootgesteld aan kleine hoeveelheden van CO. Ze vertonen dan
nogal vage symptomen: hoofdpijn, een zware maag, spierzwakte, moeite om
zich te concentreren, wijziging in de gemoedstoestand.
In dergelijke gevallen is de
diagnose niet gemakkelijk voor de dokter.
Het opstellen van de precieze
chronologie van de stoornissen kan hem daarbij helpen: bv. als de
symptomen 's avonds of in het weekend verergeren in het geval van een
vergiftiging thuis.
Wat moet u doen bij een
ongeval ?
-
deuren en vensters openen
om de kamer zoveel mogelijk te ventileren;
-
zo mogelijk het betrokken
toestel uitschakelen.
-
het slachtoffer uit de
kamer halen.
Wanneer het slachtoffer
bij bewustzijn is.
(hij/zij geeft een juist
antwoord op uw vragen)
Wanneer het slachtoffer
het bewustzijn verloren heeft.
(hij/zij antwoordt niet op uw
vragen)
-
het slachtoffer op de zij
leggen, plat op de grond, zonder hoofdkussen (om verstikking bij het
braken te vermijden).
-
de 100 of 112 opbellen.
-
vermeld daarbij dat het
een CO-vergiftiging betreft.
-
dat het slachtoffer het
bewustzijn verloren heeft.
Hoe een CO-vergiftiging
behandelen ?
Zuurstof ligt aan de basis
van de behandeling van een CO-vergiftiging. Door de kamer te
ventileren, begint u al met de behandeling.
De opgeroepen ambulanciers
zullen zuurstof toedienen met behulp van een masker.
Als het slachtoffer het
bewustzijn verliest (zelfs al is dat gedurende een korte tijd), moet
hij/zij in het ziekenhuis opgenomen worden. Het slachtoffer moet
gedurende enkele uren zuurstof onder
druk (hyperbare zuurstof)
krijgen. Deze behandeling verloopt volkomen pijnloos.
Dankzij deze hyperbare
zuurstof wordt het CO-gas sneller uit het lichaam verwijderd. Om
de helft van de hoeveelheid ingeademde CO te verwijderen, heeft
men ongeveer de volgende tijd nodig:
-
4 à 8 uur in omgevingslucht
-
45 minuten met zuurstofmaker
-
20 minuten in een hyperbare
kamer
In de meeste gevallen kan het
slachtoffer meteen na de behandeling naar huis. Soms treden symptomen na
enkele dagen of weken opnieuw op: vermoeidheid, geheugenstoornis,
wijziging van gemoed,........
Na een maand is een medische
controle absoluut noodzakelijk om eventuele restletsels vast te stellen
en zo nodig met een behandeling te beginnen.
Noodzaak van een
co-detector
U vermoed een
koolstofmonoxidevergiftiging, maar vindt geen enkele precieze oorzaak?
U bent ongerust en wil elk
risico vermijden. U overweegt een aankoop van een CO-detector ?
Niettegenstaande u een CO-detector
aanschaft, dient u toch de normen voor de installatie en het regelmatig
onderhoud van de toestellen en van de schoorsteenleidingen te
respecteren.
Let wel: voor een efficiënte
moet een geldige CO-detector:
-
geplaatst worden in elke
kamer met een potentiële CO-bron (verwarmingstoestel,
warmwatertoestel/boiler, doorgang schoorsteenleiding,............) in de
praktijk betekent dit dat u voor uw beveiliging meerdere detectoren zult
moeten kopen
-
efficiënt blijven in extreme
omstandigheden: met waterdamp verzadigde lucht (badkamer), vorst
(garage), intense hitte (kolenkachel), enz.
-
uitgerust zijn met een
geluidsalarm dat ingeschakeld wordt voor dat de aanwezige CO-concentratie
vergiftigingsrisico's inhoud (maximaal 15 minuten à 100 ppm)
-
uitgerust zijn met een
hoorbare aanwijzer van een minder goede werking (lege batterijen,
stroomonderbreking, vervuiling).
-
vergezeld zijn van een
handleiding waarin het type, de onderhouds- en regelfrequentie en de
levensduur van het toestel duidelijk vermeld zijn, waarbij u natuurlijk
deze voorschriften moet respecteren.
Hoe dit voorkomen ?
-
plaats een ventilatierooster
aan de onderkant van de deur (min. 150 cm2) in de kamers met een
verwarmings- of warmwatertoestel. Hierdoor kan voldoende verse lucht
voor een goede verbranding toegevoerd worden. Overeenkomstig de norm NBN
D 51-003 moet dit rooster aangebracht worden in deuren van badkamers met
een warmwatertoestel of een boiler, behalve wanneer het om een gesloten
toestel gaat.
-
plaats een ventilatierooster
(min. 150 cm2) op een hoge plaats in een kamer met een verwarmings- of
warmwatertoestel dat niet is aangesloten op een schoorsteen. De
verbrandingsgassen kunnen via dit rooster ontsnappen. Dit rooster moet
uitmonden in de buitenlucht of in een ventilatiekoker die over de hele
lengte van de leiding UITSLUITEND bestemd is voor de ventilatie van deze
kamer.
bronvermelding
wel thuis, CO-vergiftiging
voorkomen; anti-gifcentrum
Sinds enkele jaren worden wij tijdens de
zomermaanden geplaagd door processierupsen.
Kaal gevreten eikenbomen en ernstige jeukhinder
bij spelende kinderen of omwonenden
zijn de meest bekende gevolgen.
Oorsprong
De
Eikenprocessierups houdt van warmte en komt oorspronkelijk uit Zuid- en
Centraal Europa. De inburgering in België is waarschijnlijk toe te
schrijven aan klimaatverandering. Ze zitten vooral aan de zonnige
zuidkant van eikenstammen in lanen. De soort heet zo omdat de rupsen in
lange rijen in de bomen zitten.
Kenmerken Eikenprocessierups
De
Eikenprocessierups is de larve van Thaumetopoea processionea, een
onopvallende nachtvlinder. Deze vlinder legt eitjes in de toppen van
eikenbomen. Daar overwinteren ze. Eind april, begin mei komen de rupsjes
tevoorschijn. Daarna gaan de rupsen vanuit de nesten in grote groepen,
in zogenaamde ‘processies’, op zoek naar voedsel: eikenbladeren. Na een
aantal vervellingstadia zijn ze in juli volgroeid. Na de derde
vervelling krijgen de rupsen brandharen. Dit is tussen half mei en eind
juni. In juli verpoppen de rupsen zich tot een vlinder, waarna de
vrouwtjes hun eitjes leggen. Daaruit verschijnen het volgend voorjaar
weer jonge rupsen.
De
Eikenprocessierups heeft een grijsgrauwe kleur, met lichtgekleurde
zijden en is getooid met lange haren. Ze verraden hun aanwezigheid door
hun sociaal gedrag. Ze eten steeds 's nachts in groep en vervellen in
gemeenschappelijke spinsels van vervellingshuidjes, met brandharen en
uitwerpselen. De rupsen worden vaak pas ontdekt wanneer ze 'in
processie' vanuit deze nesten van spinsels naar stammen of dikke takken
naar het gebladerte trekken. Zichtbaar gevolg zijn kaalgevreten
eikenbomen.

Oorzaak en de klachten
De brandharen van de
Eikenprocessierups zijn de veroorzakers van de overlast. De larven zijn
in het laatste stadium van hun larve bestaan bedekt met deze haren. Na
contact kan er overlast ontstaan. Dit kan na enkele uren na het contact.
De klachten kunnen zijn: pijnlijke jeuk, huiduitslag, irritatie aan de
ogen of aan de luchtwegen.
Bij
aanraking van de rups zullen de brandharen afgestoten worden, waardoor
contact met de huid, de ogen en de bovenste luchtwegen mogelijk is.
Ook kunnen oude brandharen na vervelling
van de rupsen in het milieu komen:
De brandharen
dringen in de opperhuid met een
mogelijk ernstige infectie tot gevolg. Binnen acht uren na het contact
met de haren verschijnt huiduitslag die met hevige jeuk gepaard gaat.
Het beeld van de huid kan sterk variëren: van bultjes, pukkeltjes tot
met vocht gevulde blaasjes die kunnen gaan ontsteken. De huidreactie kan
zichtbaar worden op de onbedekte huid (onderarmen, onderbenen, nek en
gezicht) maar ook op andere delen van het lichaam. Door zweet, krabben
en/of wrijven kunnen de brandharen zich gemakkelijk verspreiden naar
andere delen van het lichaam. De uitslag verdwijnt binnen de twee weken,
maar een arts kan u vlugger van uw klachten verlossen. Rechtstreeks
contact met de rupsen is niet nodig. De haartjes kunnen, meegedragen
door de wind, ook in kledij terechtkomen. Ze kunnen verwijderd worden
door de kleren grondig te spoelen.
Als brandharen
in de ogen terechtkomen, kunnen zij
binnen één tot vier uur een heftige reactie geven van het oogbindvlies
en/of het hoornvlies met zwelling, roodheid en jeuk en in sommige
gevallen met ontstekingen. Zelden ontstaat er een knobbelvormige
ontsteking. Indien de brandharen blijven zitten, zullen de klachten
blijven bestaan. Om erger te voorkomen kan gespeciliseerde hulp
(bijvoorbeeld van de oogarts) noodzakelijk zijn. Omdat er maanden kunnen
overgaan wordt het verband dan niet meer gelegd. Enkel met een
operatieve ingreep kan het haartje dan nog verwijderd worden.
Na
inademing kunnen de brandharen ook
irritatie of ontsteking geven van het slijmvlies van de bovenste
luchtwegen. De klachten lijken in eerste instantie op een
neusverkoudheid. Tevens kunnen mensen ook klagen over pijn in de keel en
eventueel slikstoornissen. In sommige gevallen kan er sprake zijn van
kortademigheid. Raadpleeg in geval van twijfel altijd een arts!
Er kunnen zich ook
algemene klachten voordoen, zoals
braken, duizeligheid, koorts, algehele malaise.
Iemand die vaker met
de brandharen in contact komt krijgt dikwijls steeds sterkere reacties.
Daarom kan het voorkomen dat mensen dit jaar meer last van de
Eikenprocessierups hebben dan het vorig jaar.
Advies
In het algemeen
verdwijnen de klachten vanzelf binnen enige dagen tot weken. Probeer
niet te krabben of te wrijven. Was de huid goed met water. Aangedane
ogen kunt u met water uitspoelen. Eventueel kunt u de aangedane huid
kort na de aanraking strippen met plakband om overtollige brandharen te
verwijderen. Bij lichte symptomen zijn verder geen medicijnen nodig. Bij
hevige jeuk kunnen anti-jeuk middelen zeker verlichting geven, zoals
zalf of crème op basis van kamfer of menthol. Deze middelen zijn
verkrijgbaar bij apotheek of drogist. Bij
aanhoudend ernstige klachten kunt u beter contact opnemen met de
huisarts.
Kinderen
hebben meer kans op overlast door de brandharen van de
Eikenprocessierups doordat zij dikwijls op de grond spelen en zitten.
Pas de kleding van uw kinderen aan; lange mouwen en broekspijpen en een
pet op. Let erop dat zij niet onder of in de buurt van besmette
eikenbomen spelen.
Bij
dieren kunnen de haren ontstekingen
aan het spijsverteringskanaal veroorzaken. Gras waarin spinsels of
rupsen terechtgekomen zijn, is als veevoeder ongeschikt. In principe
lopen huisdieren geen gevaar, behalve als men honden los laat lopen in
gebieden waar veel nesten zitten. Houdt uw hond in de gaten en lijn hem
aan. Zorg dat uw hond zo min mogelijk in de berm gaat snuffelen.
De brandharen kunnen
tot na zes jaar last veroorzaken.
Als u plaatsen kent waar vorig jaar Eikenprocessierupsen verschenen, dan
kunnen de haren van de rupsen tot meer dan zes jaar nadien nog overlast
veroorzaken, terwijl de rupsen zelf niet voor hoeven te komen op
dezelfde plaats.
Wat doen
bij overlast van
BRANDPREVENTIE
Naast het redden van personen en
dieren en het blussen van branden, is er nog een zeer belangrijke taak
aan de brandweer toegekend, namelijk de “brandpreventie”.
Wat is brandpreventie
?
Brandpreventie ( brandvoorkoming) is
een passieve beveiliging om branden te voorkomen en/of uitbreiding te
vermijden in alle mogelijke gebouwen en instellingen en tijdens
massamanifestaties.
De te nemen maatregelen om dit doel te
bereiken werden vastgelegd in diverse reglementeringen.
De wetten en reglementeringen worden
in België uitgevaardigd op verschillende niveaus.
Door de Federale Overheid worden
wetten gemaakt (o.a. K.B. basisnormen), door de Provinciale Overheid
worden decreten opgesteld en de Gemeenten kunnen Gemeentelijke
reglementen uitvaardigen.
De taak van de brandweer bestaat erin
deze wetten en reglementen te doen toepassen en naleven.
Wanneer dient er een
brandpreventieverslag door de brandweer te worden opgemaakt ?
Wettelijk dienen er twee voorwaarden
te zijn vervuld om een advies op te maken :
1.
de Burgemeester moet erom verzoeken
2.
reglementering moet voorhanden zijn
De Burgemeester zal de brandweer
steeds verzoeken een advies uit te brengen in alle gevallen opgenomen in
onderstaande niet-limitatieve lijst :
a.
bouwaanvraag nieuwbouw (uitgezonderd
ééngezinswoningen)
b.
bouwaanvraag restauratie/renovatie van
gebouwen
c.
bestemmingswijziging van gebouw
d.
structurele verbouwingswerken
e.
milieuvergunningsaanvraag
f.
aanvraag van verkavelingsvergunning
g.
wettelijk verplichte periodieke keuringen
voor verlengingen erkenningen
-
ziekenhuizen
-
rusthuizen
-
logiesverstrekkende bedrijven
-
scholen
-
kinderdagverblijven
h.
bij de organisatie van massamanifestaties
Overzicht
preventieopdrachten.
onder preventieopdrachten wordt
beschouwd:
1. bouw- en exploitatieaanvragen
Hiervoor zijn 13 gebrevetteerde
personeelsleden beschikbaar om deze taken uit te voeren.
4 hiervan zijn beroepspersoneelsleden;
9 zijn vrijwilligers.
Deze personeelsleden hebben ook andere
opdrachten en taken binnen onze dienst zodat de mogelijkheden om aan
preventie te doen onderling sterk verschillen
-
in 2004: 299 opdrachten
-
in 2005: 411 opdrachten
-
in 2006: 473
opdrachten
Deze cijfers komen vanuit de lijst van
uitgevoerde preventieopdrachten. Grote dossiers worden soms door
meerdere personen behandeld of besproken. Deze opdracht wordt slechts
bij 1 persoon bijgeteld .
2. evenementenbeheer
Voor 2006 werden 135 evenementen
geadviseerd en begeleid. Dit varieert van een eenvoudig schriftelijk
advies op een activiteit, die werd aangevraagd en vergund tot
grootschalige manifestaties zoals Vredesfeesten, Sterfeesten, optredens
van muziekgroepen, fuiven, waarvoor naast diverse
coördinatievergaderingen ook plaatscontroles in bepaalde gevallen een
operationele commandopost wordt voorzien voor de multidisciplinaire
opvolging van de veiligheidscoördinatie. Aan het evenementenbeheer
werken 4 voltijdse medewerkers mee, die de opvolging ervan combineren
met andere operationele taken.
|
aard evenement in 2006 |
aantal adviezen |
|
Grootschalige massamanifestatie: |
11 |
|
evenement met vuurwerk: |
6 |
|
evenement feesttent: |
62 |
|
evenement met barbecue: |
42 |
|
kerstmarkten |
3 |
|
(jeugd-) fuiven: |
7 |
|
Braderijen |
4 |
|
algemeen totaal |
135 |
Hoe een
brandpreventieverslag aanvragen
?
Bij bouwaanvragen wordt steeds
automatisch een brandpreventieverslag gevoegd bij de verlening van de
bouwvergunning.
Voor het bekomen van een erkenning
en/of verlenging van een erkenning, dient de aanvrager steeds een
schrijven te richten naar de Burgemeester met de vraag voor advies van
de Brandweer.
Naast deze wettelijke verplichtingen
kan de bouwheer, architect, bedrijfsleider, horecauitbater enz. steeds
een gratis beroep doen op de brandweer ivm vragen over brandvoorkoming,
van welke aard ook.
Na een telefonische aanvraag aan de
brandweerkazerne op het nr. 03.777.71.72,
zal steeds één van de preventionisten contact opnemen om de plannen ter
plaatse of in onze kazerne te bespreken en een pre-advies uit te
brengen.